Leen Smets – Bloeddonors
Het Rode Kruis is sinds 1972 dagelijks op zoek naar bloedgevers, want elke dag zijn er mensen die bloed nodig hebben: bv: na een operatie, bevalling of verkeersongeval. Op 13 november werd in Leuven de miljoenste bloedgever in de bloemetjes gezet (Fabienne Van Mierlo, 19-jarige studente bio-ingenieur) waardoor het thema “bloed geven” weer even wat media-aandacht kreeg. Is een miljoenste bloeddonor veel na 35 jaar? Ik vroeg het aan Leen Smets, coördinator donorwerving van het Rode Kruis Vlaanderen.
Dat is zeker veel. Een miljoen is niet te onderschatten. We zijn nu al 35 jaar bezig, maar ik denk dat we nog naar veel meer moeten kunnen gaan.
Ik las althans in een interview met Carine Genoux, een collega van u, dat er veel mensen afhaken omwille van verstrengde richtlijnen. Wat houden deze richtlijnen in en waarom haken mensen daarop af?
Een belangrijke reden is de leeftijd. Als mensen 66 jaar worden, mogen ze de avond voor hun 66ste verjaardag de laatste keer bloed geven. Ben je ouder dan 18 jaar en jonger dan 66 jaar dan mag je bloed geven.
Wat is er dan mis met het bloed van een 66-plusser?
Daar is niets mis mee, maar dat zijn wettelijk opgelegde regels. Binnen Europa worden dezelfde richtlijnen gevolgd. Dus wij moeten ons daar aan houden. Wat nog een medische richtlijn kan zijn is bijvoorbeeld: je bent in een land geweest in een malariagebied, dan moet je ook een bepaalde tijd afhaken. Of je hebt een te hoog hemoglobinegehalte, dus je ijzergehalte in je bloed is te hoog of te laag.
Wordt dat dan allemaal getest als iemand zich komt aanbieden als donor?
Ja, als je je aanbiedt als donor moet je een medische vragenlijst invullen. Op die medische vragenlijst staan een aantal vragen die peilen naar je algemene gezondheidstoestand, dus: ben je gezond?, heb je medicatie nodig?, ben je naar de tandarts geweest?, …. Die vragen worden overlopen met de afnamearts en die arts beslist dan of je bloed mag geven op basis van de antwoorden op die vragen. Als je dan bloed hebt afgegeven, worden er 5 stalen afgenomen en die stalen worden dan gebruikt om testen op te doen. De belangrijkste testen om virussen op te sporen zijn: hiv, hepatitis B, hepatitis C en syfilis.
Een bloedafname, hoe verloopt dat exact?
Je brengt je identiteitskaart mee. Je schrijft je in. Je krijgt een vragenlijst die je moet invullen. Je gaat ermee naar een dokter. De dokter gaat ook je bloeddruk meten en je gewicht en lengte nagaan.
Waarvoor is dat belangrijk, gewicht en lengte?
Om te bepalen hoeveel bloed je mag geven. Iemand die kleiner is en magerder, mag minder bloed geven dan grotere en bredere. Dan ga je naar je afnamebed. Je arm wordt ontsmet en je krijgt een prik. De eerste paar milliliter van je bloed gaan naar een klein staalzakje dat aan je set hangt en de rest van je bloed gaat naar het effectieve afnamezakje. Het staalzakje wordt gebruikt om de 5 staaltjes uit te nemen.
Bovendien werken jullie alleen met vrijwillige bloedgevers. Wat is daar de reden van?
De garantie op veilig bloed. Een donor die vrijwillig komt bloed geven daar kunnen we meer vertrouwen in hebben dat hij eerlijk antwoord op de vragen, in alle aspecten eerlijk is en dat het dus veilig bloed is.
Het Rode Kruis is dus dagelijks op zoek naar mensen tussen 18 en 66 jaar, die na een grondige gezondheidscontrole, op vrijwillige basis bloed willen geven en zo andere mensen kunnen helpen.
25 november 2007